Hoe is het toch met Karan Chand?

Als ik terugdenk aan Karan Chand aan de snookertafel, dan zie ik een trotse man staan: altijd het hoofd rechtop en de borst voor uit. Op het IBSF WK in 2004 in Veldhoven viel mij op dat Karan Chand nooit zijn keu los liet tijdens de wedstrijd, ook al kreeg hij een century tegen. Toen ik hem toentertijd daar naar vroeg vertelde hij dat dit tweeledig was. Ten eerste een signaal naar de tegenstander dat hij continu klaar staat om het over te nemen, ten tweede om zichzelf scherp te houden. Hij kreeg niet voor niets de bijnaam: “The Lion King”. Begin 2000 is Chand gestopt met snookeren en ben ik hem uit het oog verloren. Hoogste tijd dus voor de vraag: Hoe is het toch met Karan Chand?

Vertel, hoe is het met je? Wat doe je tegenwoordig?

Ik woon in Badhoevedorp en breng mijn vrije tijd vooral door met mijn vriendin. Ons liefdesverhaal leest als een Bollywoodfilm: we hebben elkaar jaren geleden leren kennen op Schiphol, waar we toen allebei werkten. We hadden al een tijdje een oogje op elkaar en zij had iemand anders gevraagd mij een briefje te geven. Helaas heb ik dat briefje nooit gekregen. Hierdoor heb ik toen niet geweten heeft, dat zij mij zo leuk vond. We hebben allebei ons leven opgepakt, beide zijn we getrouwd. Een tijd later raakten we op Schiphol weer aan de praat, ze bleek toen, net als ik, gescheiden te zijn. Van het één kwam het ander, inmiddels zijn we alweer twee jaar samen.

Karan

Mijn snookercarrière heeft zich in twee landen afgespeeld. Ik heb eerst in Nederland gespeeld, en na de scheiding van mijn ouders, ook in Engeland. Toen mijn vader stopte met sponsoren ben ik terug gekomen naar Nederland. Er bleek niet genoeg geld meer te zijn om mij fulltime te laten snookeren, dus moest ik gaan werken. Mijn snooker carrière is toen gestopt. Werken en snookeren zijn heel lastig te combineren. Ik ben eerst op Schiphol gaan werken, later bij een bedrijf die in de vliegtuigonderdelen zitten en nu werk ik bij Post NL als declarant.

Ik heb geen spijt van mijn keuzes. Ik kon met snookeren mijn geld niet verdienen. Om prof te worden heb je een enorme dosis talent nodig, maar daarnaast moeten alle randvoorwaarden kloppen. Geld, support, coaching, etc. En dit was bij mij niet allemaal in orde.

Ik ben gecoacht door Robert Roos en later nog door Remco de Boer. Die trotse houding waar jij het over hebt, heb ik van Remco geleerd. Remco kon mij technisch niets meer bijbrengen, maar mentaal en fysiek heeft hij mij veel geleerd. Ik had het talent om de top te halen. Maar zonder geld is prof worden geen optie. Als ik ergens voor ga dan doe ik het ook voor de volle 100%. En dat kan alleen fulltime. Vandaar dat ik de keuze heb gemaakt om te stoppen, ook al mis ik het nog steeds. Mijn hele leven draaide om het snookeren.

Ik kan mij een DSR-finale herinneren in Leiden. Ik speelde tegen Roy Stolk en maakt in het eerste frame een 143, het tweede frame een dikke 60-break, maar verloor met 4-2. Zo kan het gaan, een 140-break is ook maar één frame. Roy en Mario Wehrmann waren toen in mijn ogen de beste spelers van Nederland. Hun natuurlijke aanleg voor het spel, hun aangeboren zelfvertrouwen aan tafel, dat heb je nodig om de top te bereiken.

Karan Chand

Mijn mooiste herinnering is het EK in 1999, in Enschede. In de kwartfinale kwam ik door loting tegenover Roy Stolk te staan, notabene mijn kamergenoot dat toernooi, maar zeker ook mijn vriend. Twee Nederlanders in de kwartfinale, en die loten elkaar. Ik won van hem. In de halve finale stond ik toen tegen David Bell. Hij was zo blij dat hij in de finale stond dat hij zich die avond klem heeft gezopen en de finale verprutste. Dat toernooi maakte ik ook nog bijna een 147. Ik miste de op één na laatste rode, waardoor ik op 104 bleef steken. Bjorn Haneveer gaf me nog de bijnaam: “The Nearly Man”. Ik heb regelmatig in training een 147 gemaakt, maar in wedstrijd nog nooit.

Tegenwoordig speel ik niet meer. Ik ga af en toe nog wel eens een potje poolen met mijn broertje, maar verder niet meer. Zoals ik al zei, het is alles of niets bij mij. Ik heb de tijd en het geld er niet voor om er voor de volle 100% voor te gaan. Maar ik mis het nog enorm! Wie weet kom ik dus binnenkort weer eens binnenwandelen.

Lees ook:Hoe is het toch met Rolf de Jong? Deel I
Lees ook:Hoe is het toch met Venetia Jacobs?
Lees ook:Hoe is het toch met Janice van Gastel?
Lees ook:Hoe is het toch met Wilfred Dijkstra?
Lees ook:De nieuwe blogger

2 reacties op “Hoe is het toch met Karan Chand?

  1. red ball

    Hier nog een grabbel uit die ton van die gouden periode, een mix van Nationale snookerkarikaturen, toppers, subtoppers en talent;Frank Maskell, Hans Cornelisse, Alistair Litterick, Barry de Haas
    Brian Smits, Edwin Heinsman,Wim Braam, Henk vd Pluym, Martijn Bruins, Remco van Dortmond, Jesse Thehu, Pascal van Westerop, Rene Onnes

      /   Beantwoorden  / 
  2. Black Ball

    Subtoppers, karikaturen : Rimke Posthumus, Gebrs Houben (Bart & Maurice), Henk Ceelen, Rolf de Jong, Venetia Jacobs, Ton Jillissen, Sunil Ajodhiasing, Alex Panagoulopoulos, Peter de Brie

      /   Beantwoorden  / 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.